Vrienden van
Leidenamateurvoetbal

Gijs Collé nog steeds een begrip in Leiden

Clubman, topscorer, Leidenaar en een buitengewoon vriendelijk mens; zomaar wat steekwoorden betreffende Gijs Colle.

In 1954, op zijn elfde, begon hij met voetballen bij Lugdunum. Dat zou op een tweejarig uitstapje naar LDWS na, voor altijd zijn club zijn. ,,Eerder kon je toen niet beginnen”, vertelt Gijs. ,,Je begon toen bij de aspiranten. Nu zie je vierjarige ukkies op de velden huppelen, geweldig leuk natuurlijk. Op mijn achttiende speelde ik mijn eerste wedstrijd in het eerste. Toen ben ik heel intensief gaan trainen om tweebenig te worden. Dat is aardig gelukt, hoewel mijn rechter iets sterker bleef. Kort draaien naar rechts en links en dan schieten. Ik denk dat dit mijn sterke punt is geweest. Ik heb er ook in de zaal veel plezier van gehad. Je bent heel lastig te verdedigen. Dat zag je vroeger aan Willie van der Kuijlen en Marc Overmars en nu aan Wesley Sneijder.”

Gijs colle Lugdunum,,Ik heb ook kunnen profiteren van mijn drive en loopvermogen. Doorgaan tot de laatste snik; ik kon niet anders. Dat mis ik wel eens bij bepaalde gasten: ze hebben voetballend de kwaliteiten, maar door hun gebrek aan de absolute wil om te winnen  zullen ze nooit uit hun carrière halen wat er in zit.

Knijnenburg artikelbanner
Rabobank artikelbanner
Brasserie buitenhuis
Sepa green artikelbanner

 

Hoogtepunten? We werden twee keer achter elkaar kampioen en promoveerden van de derde naar de eerste klasse. Wat het zo bijzonder maakte was het feit, dat we dit deden met een selectie van veertien of vijftien man. Zie je het voor je?”

 

Ach ik heb zoveel veranderingen gezien. Ik begon als rechtsbinnen, speelde met stalen neuzen in mijn schoenen en de bal was een loeizwaar leren monster. Die moest je echt niet tegen je aan krijgen. Er was bij ons iemand die geweldig hard kon schieten. Ik weet nog dat er wel eens tegenstanders die absoluut niet in de muur wilden gaan staan bij een vrije trap. “Ja, dahag, weet je wel wat voor schot die in zijn poten heeft” (haha).

 

,,Weet jij wat het grootste verschil met nu is? Respect. Jaja, ik hoor het je al zeggen: weer zo’n ouwe lul die alles vroeger beter vond. Dat is niet waar, maar wat betreft de waardering en tolerantie is er zeker veel in negatieve zin veranderd. Mijn zoon Gijs jr is gestopt, omdat hij helemaal niet goed werd van het gescheld en getier. “Pa”, zei hij me, “Ze schelden elkaar helemaal verrot en de meest vreselijke ziektes hoor je op het veld en je kunt nog een doodschop krijgen ook.”

 

Gijs colle 1,,In mijn carrière bleef ik vaak in de kantine nog nakletsen met de tegenstanders. HBS, Quick en VUC waren mijn favorieten. Daar waren veel studenten bij, maar die deden absoluut niet uit de hoogte. Oranjeplein en Texas/DHB hadden meer echte volksjongens. Dat ben ik ook en daar klikte het ook prima mee, nooit rottigheid. Ja, ik kon een redelijk balletje trappen en ja, ik scoorde makkelijk en was nog wel eens topscorer. Dat is geen reden om naast je schoenen te gaan lopen toch?”

 

,,Op mijn 34e  ben ik na dertien jaar in het eerste van Lugdunum en twee jaar LDWS bij de veteranen van Lugdunum gaan voetballen. Toen ben ik ook gaan zaalvoetballen bij Zwaanvogels en EKL Boys. Jongen ik was zes dagen in de week aan het ballen. Soms was ik helemaal gesloopt, maar ik hield nou eenmaal van het spelletje.

 

Ik heb het altijd best gehad en nu nog. Geld zegt me weinig. Wat heb je aan geld als je ziek bent of erger? Ik heb mijn zestigste verjaardag gevierd met Jannie, mijn vrouw, waar ik nu 46 jaar mee getrouwd ben. Mijn twee kids, Gijs jr en Jolanda waren er, mijn vijf kleinkinderen en een heleboel vrienden. Mijn vaste maat en hartsvriend Gert van Delft was er ook. We hebben samen in het eerste gevoetbald en de klik was er gelijk. Nu 45 jaar verder zijn we nog steeds de beste vrienden. Hij speelt op z’n 68e nog steeds bij de veteranen hahaha!”

 

We kijken nog even naar de tweede helft van Twente –  Benfica. Gijs doorziet het spelletje aanzienlijk beter dan de schrijver van dit stukje. Hij vertelt, dat hij nog wel eens naar de overkant van de weg gaat om naar GHC te kijken. Persoonlijk denk ik, dat hij dat ook doet om nog eens een fikse boom op te zetten met vrienden en bekenden; even bijkleppen zullen we maar zeggen. Ik heb zo het idee, dat hij heel veel vrienden heeft in de Leidse voetbalwereld.