Vrienden van
Leidenamateurvoetbal

Verloren bekerfinale met FC Den Haag doet Lankhaar nog steeds zeer

Den gapender eter artikel
Rumling bouw artikel

header ADO Den HaagIn de regio Leiden bestaat nog steeds geen profclub, maar in Den Haag is het betaalde voetbal niet meer weg te denken. Daarom beproefden meerdere ‘Leidse’ spelers hun geluk in de hofstad. Leidenamateurvoetbal.nl blikt vanaf nu elke maand terug met een speler uit de Leidse regio op zijn periode bij FC Den Haag of later ADO Den Haag. Deze maand gaan we terug in de tijd met Alphenaar en eenmalig international Joop Lankhaar (nu trainer bij DoCoS), die in de jaren ’80 successen beleefde met de residentieclub door kampioen te worden en de bekerfinale te halen.

 

Stadsbrouwhuis Leiden artikel
Knijnenburg artikelbanner
Rabobank artikelbanner
Sport2000 artikelbanner

Lankhaar begon met voetballen bij Avv Alphen. Op zijn veertiende maakte hij de overstap naar het grotere ARC, waar hij drie jaar speelde en werd ontdekt door FC Den Haag, de profclub wel te verstaan. Voor de nog zeventienjarige Joop bleek het een grote stap. ,,Ik had het in het begin heel erg zwaar’’, vertelt Lankhaar bijna dertig jaar later. ,,Van twee keer trainen, ging ik ineens naar zeven à acht keer trainen per week. Dat bracht lichamelijk een aardige klap. Het was flink aanpoten. En het betekende ook dat ik minder energie over had voor andere dingen, zoals school. Ik heb ook wel twijfel gehad of ik dit wel moest doen. Maar na ongeveer drie maanden ging het allemaal vanzelf, dan ga je er gewoon voor.’’

 

Joop Lankhaar tekent bij DoCoS resultaatBij FC Den Haag kwam Lankhaar (op de foto tekent hij voor het trainerschap bij de zaterdagtak van DoCoS) in het tweede elftal terecht, het C-team zoals dat heette in het seizoen 1984/1985. In december 1984 maakte hij al op zeventienjarige leeftijd zijn debuut in het eerste elftal in de competitiewedstrijd tegen RKC (uit, 2-2). De verdediger verscheen in dat seizoen nog vijf keer binnen de lijnen in de competitie, drie basisplaatsen en twee invalbeurten. Het daaropvolgende seizoen gaf trainer Rob Baan Lankhaar een basisplaats. ,,Ik denk dat ik maar twee wedstrijden gemist heb dat seizoen, misschien door een schorsing. We werden ongeslagen kampioen in dat jaar. Een geweldige ervaring voor mij als ‘jonkie’. Samen met Martin (Jol, red.) vormde ik het hart van de verdediging. Ik was voorstopper en Martin speelde laatste man. De ballen leverde ik in bij hem en hij zorgde dan voor de pass. De spits uitschakelen was mijn kerntaak en dat was op mijn lijf geschreven.Verder moest ik het niet echt hebben van mijn techniek.’’

 

Het zwaktepunt bij Lankhaar lag vooral in de lucht waar hij moeite had met grote, lange spitsen. ,,Ik was zelf maar 1,80 meter. Dus spitsen als Willem van der Ark van Cambuur Leeuwarden of Peter van Velzen van RKC Waalwijk verdedigen, was voor mij lastig. Ik probeerde dat overigens wel te compenseren door kleine duwtjes te geven als de bal via de lucht werd aangespeeld. Maar verdedigen over de grond was  voor mij over het algemeen een stuk makkelijker.’’

 

Na het behalen van het kampioenschap in de eerste divisie beleefde Lankhaar nog twee geweldige jaren in Den Haag, dit keer op het hoogste niveau van Nederland onder leiding van de nieuwe trainer Pim van der Meent, die overkwam van NEC Nijmegen. Lankhaar speelde vrijwel alle wedstrijden in die twee seizoenen en haalde in het eerste jaar (1986/1987) zelfs de bekerfinale, die helaas nipt werd verloren van Ajax. ,,Die finale doet mij nog steeds wel behoorlijk zeer als ik daaraan terugdenk. Zeker op de manier waarop we uiteindelijk verloren. Een minuut voor tijd stonden we met 2-1 voor en Cor Lems had even daarvoor zelfs nog de 3-1 op de schoen, maar Frank Rijkaard maakte op het nippertje nog gelijk. Vanaf dat moment wist ik dat we rijp voor de slacht waren. In de verlenging maakte Ajax er nog twee bij. Ik had die beker maar al te graag gewonnen, omdat het toch een bijzondere prijs is in Nederland. Toch had niemand verwacht dat we de finale zouden halen. Het is dus al met al wel iets speciaals geweest in mijn carrière. De wedstrijd werd trouwens nog bij ons in het eigen Zuiderpark gespeeld. Helaas zat het stadion niet helemaal niet vol. De KNVB besloot – vanwege ongeregeldheden met supporters – maar 7000 toeschouwers toe te laten, terwijl er 17.000 in konden.’’

 

Over de supporters is Lankhaar wel lyrisch. ,,Natuurlijk was het veel ellende vroeger, maar er gingen wel altijd 1000 à 1500 man mee naar uitwedstrijden. Dat vond ik geweldig om te zien. Zelfs toen we een jaar na het bereiken van de bekerfinale Europees speelden, gingen er gewoon 1000 supporters mee naar Zwitserland en Hongarije om ons aan te moedigen.’’

 

In de vier jaar bij FC Den Haag speelde hij onder andere met spelers als Tscheu La Ling en Tony Morley (oud-Aston Villa en winnaar van de Europa-Cup I) en spelers uit de Leidse regio: Ron de Roode, Alfons Groenendijk en Marco van Alphen. ,,Ja, allemaal geweldige spelers. Met Ronnie, Fons en Marco heb ik af en toe nog wel eens contact. Ronnie was altijd mijn maatje in mijn tijd bij Den Haag, ik sliep ook vaak op één kamer met hem als we ergens moesten verblijven. Met Marco heb ik zelfs laatst nog gesproken bij een wedstrijd van ADO thuis, want ik word daar nog wel eens uitgenodigd om te komen kijken.’’

 

Lankhaar volgt de club dus nog steeds. ,,Vanaf het begin dat ik bij de club kwam, was ik supporter. Daarvoor keek ik graag naar Ajax. Maar FC Den Haag heeft sindsdien iets met mij gedaan. De club leeft altijd met de fanatieke aanhang. Alleen is het jammer dat het huidige ADO niet door kan groeien naar de top van de Eredivisie en dat terwijl Den Haag de vierde stad van het land is. Ik denk eerlijk gezegd dat het ook lastig wordt voor ADO om ooit de top te bereiken.’’

 

Maar was FC Den Haag ook Lankhaars top? ,,Ik weet het niet. Ik zeg altijd heel simpel: het komt zoals het komt. Ik denk dat je carrière van tevoren is uitgestippeld. Na mijn periode in Den Haag ben ik naar België verhuisd en daar heb ik het altijd naar mijn zin gehad. Ik heb in die tijd zelfs nog één keer mogen uitkomen voor Oranje. Interesse vanuit de Nederlandse top was er overigens wel, maar er is nooit een aanbod gedaan. Dus het liep op deze manier en dat moest zo zijn, denk ik. Ik ben tevreden zoals mijn carrière is verlopen.’’

Slingerland artikelbanner
Brasserie meelfabriek

Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het privacy beleid Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk te bieden. Als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen. In ons privacy beleid staat exact wat met de gegevens gebeurt.

Sluiten