Sleutelstad
Vrienden van
Leidenamateurvoetbal

Oude Clubheld: Rob Hogenelst

Rob Hogenelst: ,,Meester Jansen is belangrijk voor mij geweest.”

,,Mijn vader, die onderwijzer was in Den Haag, vond voetballen maar niks. Nee, daar mocht ik niet op, terwijl ik het zo graag wilde. Meneer Jansen, een van de meesters op mijn lagere school, zag welk plezier ik aan het spelletje beleefde en merkte mijn teleurstelling haarscherp op. Hij stapte naar mijn vader en wist na enig soebatten het groene licht voor mij te krijgen: ik werd lid van SVLV.”

De besnorde Rob Hogenelst: ‘Doe als ZZP-ers, onderneem zelf sportieve initiatieven.’

De besnorde Rob Hogenelst: ‘Doe als ZZP-ers, onderneem zelf sportieve initiatieven.’

Rob Hogenelst – wie kent hem niet? – woonde op dat cruciale moment in Voorschoten  en zat daar  op de lagere school. Later zou hij de MULO in de residentie volgen en net als zijn vader elke dag daarheen fietsen. In Den Haag zou hij ook met succes aan de kweekschool afstuderen. Voordat Rob, net 16 jaar, aan zijn dagelijkse fietsrit naar de kweekschool (tegenwoordig heet dat PABO) begon, had hij een goed gesprek met meester Jansen: ,,Hij adviseerde mij, naast mijn studie,  jeugdleider en jeugdtrainer te worden. De opgedane ervaringen  zouden mij geweldig helpen  wanneer ik eenmaal voor de klas zou staan.” Meneer Jansen had gelijk, de  jonge meester Hogenelst ging als eerste man op een meisjesschool les geven, ontwikkelde zich op een VGLO in Haarlem verder en kwam door de liefde gedreven naar Leiden om op MAVO/LAVO van Duinzigt in Oegstgeest jongeren op hun toekomst voor te bereiden. Liefde? Jazeker. Kitty met wie hij in 1969 in het huwelijk trad, gaf hem alle ruimte om zijn talenten te gebruiken ,,voor de goede (voetbal)zaak.”

ALV artikelbanner
Voorthuijzen artikelbanner
REM artikelbanner
Knijnenburg artikelbanner

Maandag 12 oktober 2015

Waarom Rob Hogenelst (1944) in de schijnwerpers? Heeft hij hoog gevoetbald? De sterren van de hemel gespeeld? Nee, tweemaal nee. Was hij kopsterk? Tweebenig? Het wordt saai, weer tweemaal nee. De sinds zijn diensttijd royaal besnorde Hogenelst is nooit verder gekomen dan het derde elftal van rkvv Meerburg, een mix van mannen bestaande uit lieden die net iets te kort kwamen om het vlaggenschip te halen en spelers die langzaam maar zeker afbouwden. ,,Ik had niet de kwaliteit om een plek in de hoofdmacht te bemachtigen, ook had ik die ambities niet”, vertelt hij terugkijkend op de tijd waarbij het hem alleen om het plezier van het spelletje ging. Maar laten we teruggaan naar de maandagmorgen in oktober. Rob Hogenelst is komen aanfietsen uit Leiden om zich te onderwerpen aan het interview. Voor korte stukjes laat hij de auto staan. Hij groet het gestaalde kader dat op maandagmorgen als Miep Kraak het complex van Meerburg weer spic en span maakt.

Wim Rijsbergen

,,Afgelopen zaterdag weer lekker gefloten”, begint hij, ,,Ik scheidsrechter de jeugd. En weet je wat zo bijzonder is? De ouders die ik ooit les heb gegeven, staan nu langs de lijn hun kinderen aan te moedigen.” Dan hoort Rob Hogenelst, tot zijn plezier, dat de jonge voetballertjes op hun tellen dienen te passen, want ‘Hogenelst is geen makkelijke, hij is van de discipline’.

Dat hebben de leerlingen (of heetten ze toen al ‘studenten’ van het Rijnlands Instituut voor Ondernemersonderwijs (RIO) ervaren, toen Rob na zes jaar Duinzigt naar Leiderdorp kwam. Bij de behoorlijk nieuwe richting die RIO was, moesten de jongeren ook wennen aan zijn aanpak, altijd ‘straight’.

Rob werd ingezet om stageplaatsen te vinden en dat was een kolfje naar zijn hand.  Ook werd hij verantwoordelijk voor excursies naar metropolen als New York. ,,Die heb ik 14 jaar georganiseerd,” vertelt hij. ,,Wij gingen onder meer naar Cosmos waar Wim Rijsbergen een echte ster bleek te zijn, die zich moeiteloos handhaafde tussen mannen als Pelé en Franz Beckenbauer.”

Endorfine

,,Van de adviezen van meester Jansen heb ik mijn hele leven profijt gehad”, komt Rob terug op de man, die hem in zijn jonge jaren van waardevolle adviezen voorzag. ,,De jeugd van toen en de jeugd van nu mogen enigszins verschillen, maar in de kern zijn ze dezelfde.” De vraag hoe je met jeugd omgaat komt altijd terug. ,,Duidelijk je grenzen aangeven,” meent Rob, ,,Discipline bijbrengen, sfeer scheppen, elkaar begrijpen en vooral samen optrekken.” Eenvoudig gezegd, makkelijk opgeschreven, maar ook dat weet hij als geen ander.

Het woord ‘endorfine’ valt. Rob Hogenelst: ,,Dat is een stofje dat de hersenen aanmaken bij lichamelijke inspanningen, bij lekker hardlopen, fijn sporten, lichamelijke inspanning, endorfine geeft een gevoel van plezier. Wanneer je in een leuk elftal voetbalt, met elkaar stevig traint, voel je je na afloop ‘happy’. Je bent lekker moe, gaat fluitend naar huis en je slaapt als een roos. Daar heeft wethouder Van der Heijden van Zoeterwoude mij indertijd op attent gemaakt. Zorg er voor, zei hij, dat de jeugd lekker bezig blijft en geen tijd krijgt om kattenkwaad uit te halen; sporten is het medicijn.”

Sociaal dier

In het jaar dat Rob en Kitty elkaar het ja-woord gaven, gingen ze wonen in Zoeterwoude-Rijndijk. Op dat moment werd afscheid genomen van het toenmalige SVLV en sloot Rob zich aan bij rkvv Meerburg. ,,Waar je woont moet je actief zijn,” is zijn levensmotto. ,,Je nestelt je er, je sticht een gezinnetje en kijkt als sociaal dier waar je nuttig en nodig kunt zijn.”

Als je iets bereiken wilt, meende hij toen en nog steeds, is het goed de politiek in te gaan, daar worden de beslissingen genomen. Meerburg werd zijn club, maar de zwartwitten waren in 1959 nog in een staat van ‘bevriezing’. Het oude veld moesten ze verlaten en de nieuwe grasmat kon pas in 1961 in gebruik worden genomen.

Geen probleem, Rob bood aan mee te werken aan de nieuwe organisatie, aan een structuur met toekomst. Dat de spelers zich begin jaren zestig moesten wassen met water uit een zinken trog, werd voor lief genomen. Dat zou nu ondenkbaar zijn.

Bestuurder

Het derde elftal werd begin jaren zeventig kampioen met mannen als Piet Spier, Cees Boere, Cees Bruines en Piet van der Hulst en met de rechtsbenige ‘sjouwer’ Rob Hogenelst. Veel kampioenschappen kan hij niet opsommen, eentje nog: in 1990 met de veteranen.

De in Den Haag geboren Hogenelst ontpopte zich als een bestuurder. Jan Lovink (nu Roodenburg) vroeg hem zitting te nemen in het jeugdbestuur. Van het een komt het ander: Rob wordt jeugdvoorzitter. Van 1972 tot en met 1981 zette hij zich in voor de jeugd, naast zijn taken als jeugdleider en jeugdtrainer. Aansluitend werd hij voorzitter tot 1991 van de club. Hij bouwde mee aan een gezonde vereniging.

 •1991, Rob Hogenelst neemt afscheid als voorzitter van rkvv Meerburg. Op de achtergrond de Meerburgkerk. (Foto Peter Versluijs)


1991, Rob Hogenelst neemt afscheid als voorzitter van rkvv Meerburg. Op de achtergrond de Meerburgkerk. (Foto Peter Versluijs)

Politiek 

Rob Hogenelst ging bewust de politiek in. Hij zag dat Zoeterwoude-Rijndijk achtergesteld werd bij Zoeterwoude-Dorp. ,,Alle ballen op SJZ”, gold toen.

De lobby werd extra aangezet en met succes. In 1989 was het Meerburg die als derde club in Nederland een kunstgrasveld kreeg. Kunstgras was een nouveauté, dat de nodige vooroordelen moest overwinnen. ,,Nu zeggen wij: kunstgras heeft zekerheid gegeven, kunstgras is een uitkomst”, aldus Rob.

Hogenelst bleek ook een politiek dier te zijn. Hij werd wethouder en stond aan de wieg van een nieuwe coalitie. De VVD, een vaste waarde in het dorp, werd aan de kant geschoven, het CDA ging in zee met Progessief Zoeterwoude. PZ paste bij de toekomstgerichte Hogenelst, die financiën, SPORT, volkshuisvesting en cultuur in zijn portefeuille kreeg. De sportverenigingen wisten dat de kersverse wethouder altijd aanspreekbaar was, direct zelfs, hij houdt van korte lijnen. Zijn visie was glashelder waar het de verdeling van taken betreft: de gemeente biedt de velden aan en zorgt voor het onderhoud, de vereniging is van de leden en zij zorgen voor de opstallen.

Vrijwilligers

Deze aanpak biedt voordelen, volgens Rob, voor beide partijen. Door de werkzaamheid van de leden/vrijwilligers wordt de betrokkenheid versterkt, hun enthousiasme trekt ook nieuwe leden aan. Kortom, de vereniging leeft.

Waar de gemeente in redelijkheid kan faciliteren, zal dat gebeuren, maar een stevige onderbouwing van subsidie en dergelijke is een absolute vereiste. Iedereen begreep dat, herinnert Hogenelst zich.

Terwijl oudgedienden als Peter van der Heijden, Piet Hagenaars, Jos Brouwer, Kees de Rooij en Piet Spierenburg (,,Sorry, als ik mensen vergeet”) zich nog volop inzetten voor Meerburg, signaleerde Rob Hogenelst een ontwikkeling , die niet genegeerd kon worden.

Flexibiliteit

Hij legt het haarfijn uit: ,,Wij leven in andere tijden. Onze generatie ging voetballen, zwemmen of een andere sport beoefenen. Dat ligt nu anders. Wij leven in een tijd dat individualisme hoogtij viert en de jeugd talrijke andere mogelijkheden voor vertier heeft, hun keuze is veel groter dan pak weg een jaar of vijftig geleden.  Sportscholen bestonden toen nauwelijks, nu zijn er honderden in het land. Het sociale aspect is minder belangrijk geworden.  Ik zeg niet het daarmee eens te zijn, ik constateer het feit. Wij dienen dat te accepteren en te bezien hoe wij daarmee omgaan.” Jeugd en ook ouderen  willen zich niet meer binden, niet meer vastgepind worden op vaste dagen, vaste uren. ,,Dat vraagt van flexibiliteit”, weet Rob. ,,Meerburg heeft gelukkig (nog) niet met deze ontwikkeling te maken. Maar elders speelt het wel.”

Er zijn mensen, ook in Zoeterwoude, die initiatieven ondernemen. Hij doelt onder meer op sportdocent José Versteegen, die met groepjes gaat wandelen, fietsen, zwemmen. ,,Zij speelt nu al in op de toekomst,” aldus Rob. ,,Heeft men tijd en zin om een uurtje actief zijn dan sluit men zich aan. Een nieuw soort vrijheid blijheid. En er wordt betaald voor de keren dat men komt deelnemen.”

ZZP-ers noemt Rob sportdocenten die inspelen op deze veranderde manier van sportbeoefening. ,,Er zijn volop mannen en vrouwen, die iets kunnen aanzwengelen en daarvoor ook betaald worden. Dat moet door de gemeente worden gestimuleerd, niet georganiseerd. Dat geldt ook voor de ouderen, die niet achter de geraniums moeten gaan zitten, maar over drempels geholpen moeten worden.”

Hier spreekt de man die een leven lang actief is geweest in het onderwijs. Hij  kan zich opwinden over mensen die menen dat scholen opvoedtaken dienen over te nemen. ,,Onzin, volslagen onzin”, vindt de voormalige meester/onderwijzer/docent. ,,De school heeft een leer en vormende taak, niet om kinderen ’s morgens op te vangen met een glas melk, een appeltje en een cracker. Thuis moet er ontbeten worden. De school is er niet ter vervanging van ouders. Dat is van de zotte.” Schoolvoetbalcompetitie? ,,Prima, maar niet te organiseren door de scholen. Die scholen krijgen al genoeg op hun bordje.” Bedrijfsvoetbal? Sportactiviteiten in wijken? ,,Ook uitstekend, zet de sportieve, creatieve sluizen maar open en speel in op de andere manier van sportbeoefening.”

Maandag 12 oktober

De klok wijst 13.00 uur. De schoonmaakploeg heeft zijn wekelijks werk gedaan. Ook Tinus den Elzen (89) heeft zijn bijdrage geleverd, hij fietst terug naar de Weipoort. Nee, op de foto wil hij niet, zelfs niet met Rob Hogenelst. ,,Ben je mal”, mompelt hij.

•1990, de veteranen zijn kampioen. Bovenste rij: Cees Boere, Willem van Haastrecht, Ruud Halewijn, Gerard van der Klaauw, Jacques Lolkes de Beer, Jos Brouwer, Henk Vink en Ed Westerhof (in vrijetijdskleding). Middelste rij: Bert Dubbelaar, Cees Bruines, Aad Kortekaas, Gerard Kortekaas, Rob Hogenelst. Voorste rij: de kinderen van de spelers.

1990, de veteranen zijn kampioen. Bovenste rij: Cees Boere, Willem van Haastrecht, Ruud Halewijn, Gerard van der Klaauw, Jacques Lolkes de Beer, Jos Brouwer, Henk Vink en Ed Westerhof (in vrijetijdskleding). Middelste rij: Bert Dubbelaar, Cees Bruines, Aad Kortekaas, Gerard Kortekaas, Rob Hogenelst. Voorste rij: de kinderen van de spelers.