Vrienden van
Leidenamateurvoetbal

Zomaar een maandagmorgen op ‘Noord’ bij Roodenburg

ALV artikelbanner
Vergulde vos artikelbanner

Het is maandagmorgen, ‘zomaar’ een maandagmorgen. In de kantine van Roodenburg op ‘Noord’ zitten mannen en vrouwen aan een geurig bakkie van Dirk van der Zwart, de Manus-van-Alles bij de club; hij is meer op Noord dan thuis, zegt men. Een gouwe vent. De kantine ziet er spik en span uit, er kan van de vloer gegeten worden.  Het gaat er luidruchtig aan toe. Geen wonder, aan de bij elkaar geschoven tafels zitten voormalige helden van de blauwzwarten, en dames die ook van alles hebben meegemaakt bij het dik 85-jarige Roodenburg. Aan verhalen geen gebrek.

Deze samenkomst heeft Trudy Ooijendijk op haar geweten. ,,Nee, dat doen wij niet,” zei Trudy, toen wij voorstelden om haar André te interviewen voor de rubriek ‘Helden’. ,,Laten we er een paar jongens met hun vrouwen bij vragen. Ze hebben veel te vertellen, ook over de Weekenders en de Tuttenclub.”

Weekenders? Tuttenclub? Trudy is kordaat, woorden én daden. Dus zitten er een paar dagen later zo’n tien mannen en vrouwen in de kantine van Roodenburg, een gevarieerd gezelschap dat het blauwzwarte bloed met elkaar gemeen heeft. Ook Corrie van Es, die ondanks een verbrijzelde elleboog – gevallen tijdens een wandeling – goed geluimd is aangeschoven. ,,Zij is een taaie,” fluistert Trudy, ,,een heldin.”. Dat blijkt.

Brasserie buitenhuis
Geco artikelbanner
Sport2000 artikelbanner
Rabobank artikelbanner
Roodenburgers en partners, vastgelegd voor de eeuwigheid. Van links naar rechts: Hans Verver, Yvonne Verver, Nico van Es, Corrie van Es, Hans Budding, Sari Barends, André  Ooijendijk, Trudy Ooijendijk, Bram de Roode.

Roodenburgers en partners, vastgelegd voor de eeuwigheid. Van links naar rechts:
Hans Verver, Yvonne Verver, Nico van Es, Corrie van Es, Hans Budding, Sari Barends, André Ooijendijk, Trudy Ooijendijk, Bram de Roode.

Gouwe tijden

Trudy’s André heeft van 1969 tot 1972 continu in de hoofdmacht gespeeld. Hij was een betrouwbare rechtsback. Meer zou hij niet willen zeggen. Of toch: ,,Het waren fantastische seizoenen.” Veel liever luistert hij en gooit hij af en toe ‘een kooltje op het vuur’, waar de anderen gretig op inhaken.

Hans Verver bijvoorbeeld: ,,Ik heb een tijdje in de jeugd van Roodenburg gevoetbald en ben daarna gestopt. Ik kwam hier naar mijn zoon Michael kijken.” De voormalige accountant en voorzitter van fusieclub UDWS (LDWS + Unitas), die hij samen met Henk Piket leidde en die opging in FC Boshuizen, spreekt over de jaren ’80 van de vorige eeuw. ,,Duizenden mensen langs de lijn,” weet hij te vertellen, met brede armgebaren. Naarmate de ‘gouwe tijden’ verder achter ons liggen, nemen de bezoekersaantallen drastisch toe, lijkt het.

De bemodderde broekjes, shirts en kousen werden in een grote zak gedaan en onder meer door Nico Vogelenzang gewassen. Waslijnen vol, weet Sari Barends, ze ziet de kleding op haar netvlies wapperen in de wind. De spelers van de lagere elftallen moesten hun tenue zelf wassen.

De tijden zijn veranderd. Roodenburg heeft een wasmachine en droger en deze ‘tjoeke-tjoeks’ draaien op volle toeren. Wat dat betreft worden de mannen van de trainers Kees de Roode (zondag) en Patrick Heijmans en Henk Buyn (zaterdag) in de boter gebraden.

Hans Budding is de man die als 8-jarige twee jaar loog, hij wilde per se naar Roodenburg. Het is dan 1951. Dat kwam door Bram Zirkzee, een echte UVS-aanhanger.  Deze buurman gaf hoog op van de Leidse Hout-club. Hans is nooit meer weggegaan en hij heeft de club in tal van functies gediend. Nee, een Ferrari heeft Budding niet aan het voetballen overgehouden. Wel vriendschappen en die zijn ‘onbetaalbaar’. Dat geldt ook voor twee andere broers uit het gezin, Theo en Jan. Een gouden trio, niet zo zeer wat hun prestaties op de groene mat betreft, wel voor de club. Op dinsdagmiddag leggen de drie mannen ook een kaartje bij Roodenburg.

Ware clubliefde: Roodenburg, Roodenburg, een tijd niets en dan Roodenburg...

Ware clubliefde: Roodenburg, Roodenburg, een tijd niets en dan Roodenburg…

Clubliefde

,,Wij moesten op zondagmorgen met het tweede uit spelen tegen VUC-2 in Den Haag”, vertelt Budding smakelijk, iedereen hangt aan zijn lippen. ,,Maar mijn vrouw en ik hadden een afspraak voor een weekendje in Eindhoven. Ik wilde per se voetballen. Dus zet ik mijn vrouw, met twee kleine kinderen, op de trein, ging zelf op de scooter naar Eindhoven. De andere morgen, heel vroeg, reed ik op de scooter naar Den Haag, waar ik keurig op tijd aan kwam voor de wedstrijd. ’s Avonds heb ik mijn vrouw en kinderen van de trein gehaald.”

Wanneer er in huize Budding zwaar getafeld is, of wanneer tijdens een gezellige avond de alcoholische consumpties voor een spraakwaterval zorgen, moet Hans dit verhaal nog steeds aanhoren.

Piet Kantebeen

Prachtig is het verhaal van de besnorde Wim van Es, die uitstekend afgetraind oogt. Wim kwam van UVS naar Roodenburg, dat is wat in een stad als Leiden, waar elke voetbalclub zijn eigen trouwe aanhang heeft. De overgang heeft heel wat teweeggebracht. Zo werd Wim uitgemaakt voor ‘landverrader’, voor ‘clubvriend’, je reinste scheldwoorden in die tijd.

Hij maakte één jaar trainer Piet Kantebeen mee, die na het niet geslaagde profvoetbalavontuur van UVS, een jaartje elders in de luwte de misère wilde laten bezinken. Piet, een gelauwerde coach, gepokt en gemazeld, tekende één jaar bij Roodenburg. ‘Piet, schiet de bal ‘ns’, klonk het tijdens de training. Het verzoek kwam van Wim van Es. De gebrilde oefenmeester verstarde, kon zijn oren niet geloven. Wie commandeert daar? Hij stapte op Van Es af en zei: ,,Ik ben meneer Kantebeen. Begrepen? En nu wegwezen.”

Van Es zocht de kleedkamer op en hoorde enkele dagen later dat hij was teruggezet van het eerste naar het vierde. Of Wim van Es uitgerekend door Piet Kantebeen met terugzetting werd gestraft, is nu nog een vraag, Volgens Hans Budding maakten de oudere spelers van de selectie de dienst uit. Bram de Roode, in 1944 geboren, ‘In liefde verwekt’: Diezelfde Piet Kantebeen heeft mij later nog gevraagd naar UVS te komen. Niet gedaan, natuurlijk.”

De Roode maakte furore bij LDWS. Met die club werd hij drie jaar achter elkaar kampioen en promoveerde van de LVB naar de KNVB.

Andere culturen

Bram de Roode heeft zich bij Roodenburg vooral ingezet voor de jeugd. Hij trad op als elftalleider, stond de jonge gasten met raad en daad terzijde. De Roode begreep dat een vereniging ook verantwoordelijk is voor een stukje van de opvoeding. Hij herinnert zich dat – pak ‘m beet – in de jaren ’60  een getinte voetballer een uitzondering was, één hooguit twee in de groep van 14/15 man, doorgaans jongens uit Indonesië. Ook hier zijn de tijden veranderd. Momenteel zijn de blanke jongens flink in de minderheid. ,,Dat maakt het leiden van een team niet eenvoudiger,” vindt hij. ,,Er worden doorgaans verschillende talen gesproken. Arabisch en Turks worden dan zo’n beetje de voertaal. Dat kan natuurlijk niet. Wanneer dat wel gebeurde, riep ik ‘iedereen bek houden, Nederlands praten’, en dat gebeurt dan…een tijdje.” Er gaat een grapje door de Leidse voetbalwereld: bij Roodenburg is het handig om vier talen te spreken, Arabisch, Turks, Nederlands en Leids.

De Roode kent ‘m en kan er ook om lachen. Toch gaat hij niet voorbij aan het feit dat Roodenburg veel ‘getinte spelers’ als lid heeft. Ze komen allemaal uit Noord en de Merenwijk. ,,Wanneer er iets niet goed is of gaat, komt dat door de gemeente en de woningcorporaties, die al deze buitenlanders in deze buurt onderbrengen.”

Roodenburg, in dit geval onder aanvoering van Jan Lovink,  gaat goed om met de andere culturen, heeft begrip – maar ook moeite – voor de andere zeden en gewoonten. Neem het betalen van contributie, daar moet men aan wennen. Neem het op tijd komen voor thuis- of uitwedstrijden, dat is noodzakelijk, daar moeten veel van hen aan wennen.”

Conny Vandenbos

Na de derde helft in de kantine te hebben ‘gespeeld’, gaan veel voetballers nog een afzakkertje halen in een café waar zij zich prettig voelen. Spelers van ASC troffen elkaar altijd in ‘Sport’ in de Oegstgeestse Kempenaarstraat. DoCoS-leden zagen elkaar in ’t Vosje aan de Haarlemmerstraat, waar voortdurend blikken werden geworpen op de prettige gebouwde kasteleinsdochter. ’t Valkje tegenover Molen De Valk ontving een meer gemêleerd publiek, LFC-ers, Lugdunummers. ’t Haantje in de Vrouwensteeg was het honk voor iedereen van Roodenburg. Een keurig café, waar ook de dames ongestoord aan een glaasje konden nippen.

Op een avond stapte Henny de Haas ’t Haantje binnen, een mooie jongen, een begaafd voetballer, UVS-er. Henny had ook een auto, bijzonder op die leeftijd, in die jaren. In de Stadsgehoorzaal was een grote feestavond met bal na gaande. Henny ging er een kijkje nemen, een afstandje van niks. Toen hij maar niet terugkwam, stapten een paar Roodenburgers de artiesteningang aan de Aalmarkt binnen, liepen langs een kleedkamer en zagen Henny daar…. In een innige omhelzing met Conny Vandenbos, die in die tijd net veel succes oogstte met het liedje ‘Paleis met gouden muren’, dat het verhaal vertelt van een overspelige echtgenoot.

Weekenders

Dat er bij Roodenburg veel meer wordt gedaan dan alleen voetballen is in brede kring bekend. Er wordt nog elke week gekaart (elf tafels) en gesjoeld. Jan Lovink zorgt voor de prijsjes. Het accent op ‘jes’, het gaat om de aardigheid en de gezelligheid, zeggen Trudy en André Ooijendijk. In het verleden waren er feestavonden, ook met bal na, of werd er door leden een toneelstuk opgevoerd, ook met een dansje na het laatste bedrijf. Altijd met ‘echte’ muziek.

De Nieuwjaarsreceptie is een drukbezochte aangelegenheid, elk jaar weer. En wanneer de club in 2017 de negen kruisjes viert, gaan de pannen van het dak. Dan zullen ook de Weekenders weer bij elkaar komen. De Weekenders zijn leden van Roodenburg en hun partners, die er in 1981 voor het eerst op uittrokken.

Trudy en André Ooijendijk  vertellen dat de Weekenders indertijd spontaan van start zijn gegaan. ,,Er was iets te vieren en dat werd zo gezellig dat iemand voorstelde om er eens op uit te trekken met elkaar, zomaar, een weekendje.”

Dat gebeurde, de weekendjes werden een doorslaand succes. Elk jaar werd een andere provincie aangedaan en daarbij steeds een thema gekozen.

China, het thema tijdens het weekend in Drenthe. Van links naar rechts: Sarie Barends, Trudy Ooijendijk, Corrie van Es, Lia Budding

China, het thema tijdens het weekend in Drenthe. Van links naar rechts: Sarie Barends,
Trudy Ooijendijk, Corrie van Es, Lia Budding

Een thema? Ja, een thema! Dat doen de Toppers ook in de ArenA elk jaar. Van de Weekenders afgekeken natuurlijk…  Vele tientallen hebben genoten van door een commissie onder leiding van Ruud Wiggers voorbereide weekends, die in het teken stonden van Tirol, Duizend-en-één-nacht, Carnaval, China,  Hawaiï, Viswijven & Matrozen, Bonny & Clyde en de Olympische Spelen, veelal opgeluisterd door de bekende accordeonist Henny Chouffour.  ‘Comment ça va’ werd het jaarlijks terugkerend lijflied, een 100% Leidse productie. De Leidse jongensband The Shorts zongen en speelden het lekker in het gehoor liggende werkje, dat was gecomponeerd en van tekst voorzien door Eddy de Heer uit Leiden Zuid-West. Na precies 25 jaar werd er punt gezet achter de weekends. ,,Op het hoogtepunt zijn wij gestopt,” zegt Trudy Ooijendijk.  ,,We merkten dat we ouder werden, we gingen steeds vroeger naar bed.” Stoppen…daar is toch een zekere moed voor nodig. Niemand van de Weekenders betreurt  de beslissing. Veel van hen ontmoeten elkaar nog elk jaar. Tijdens een lunch wordt heel wat gepraat en gelachen, en ook stilgestaan bij de Weekenders die zijn overleden.

Lia Budding, de vrouw van Theo, heeft de geschiedenis van de Weekenders uitgebreid, enthousiast en beeldend opgeschreven – en voorzien van foto’s – voor de website van Roodenburg. Gaat dat zien op www.lvroodenburg.nl (Het Rijke Verleden).

Een weekend in het teken van de zee, met matrozen en viswijven. Van links naar rechts: André Ooijendijk, Arnold Barends, Hans Budding, Wim van Es, Izaak van Weerlee – voor de bar – Henny Chouffour.

Een weekend in het teken van de zee, met matrozen en viswijven. Van links naar rechts: André Ooijendijk, Arnold Barends, Hans Budding, Wim van Es, Izaak van Weerlee – voor de bar – Henny Chouffour.

De Tuttenclub

En nu – een beetje laat – komt Sari Barends in beeld en aan het woord. Zij is van de Tuttenclub. Sari speelde korfbal bij KNS (Korfbal Na School), een club vriendinnen, dat elkaar nog steeds ontmoet. Sari korfbalde in de Leidse Hout, waar Roodenburg zijn velden had. De meiden gingen natuurlijk bij die strakke mannen kijken. En ja hoor, Sari werd verliefd op Arnold, die bij Roodenburg de sterren van de hemel speelde. Liefde op het eerste gezicht, dat een levenlang zou duren, als Arnold niet veel te vroeg zou overlijden. De meiden van KNS bleven elkaar ontmoeten, net als de Weekenders. De vreugde werd met elkaar verdubbeld, het leed met elkaar gedeeld. Nu, 50 jaar later, zijn ze nog steeds bij elkaar, acht meiden, acht tutten van de Tuttenclub. Ze gaan er dagjes op uit en soms ook een weekendje. ,,En dat hopen wij nog heel lang vol te houden,” besluit Sari.

Natuurlijk gaan er tot slot namen over de tafels. Dat is onvermijdelijk. Namen van Roodenburgers, die het nationaal en internationaal van goed tot geweldig hebben gedaan. Jeffrey van As (Ajax, MVV, NAC, ADO), Ron de Roode (ADO, Telstar), Glenn Helder (Sparta, Vitesse, Arsenal, Benfica, NAC, Dalian Wanda/China, MTK Boedapest), Wim Rijsbergen (PEC, Feyenoord, Bastia, New York Cosmos). Roodenburg, de kraamkamer van het betaald voetbal? Het onderwerp ‘fusies’ blijft onbesproken.  De club is financieel gezond en daarmee basta!

En ter afronding nog enkele beklijvende kreten:

  • ,,Bij Roodenburg is er altijd meer dan alleen voetbal”
  • ,,Pim van der Meent heeft in de korte tijd dat hij hier trainer was veel tot stand gebracht. De organisatie werd gestroomlijnd, geprofessionaliseerd en de dames van de eerste elftalspelers werden meer betrokken bij het wel en wee van de club. Pim was een goeie, ook voor de sfeer.”
  • ,,Nee, bij Roodenburg is er nooit een rooie cent aan de spelers betaald. Of toch, bij een kampioenschap kregen we allemaal tweehonderd gulden. Daar heb ik toen een pak voor gekocht, heb ik nog hangen, nooit gedragen. Haha.”
  • ,,Om lid te worden van Roodenburg, moest je tien jaar zijn, maar ik was pas acht, heb ik twee jaar gesmokkeld, kon ik hier toch voetballen.”
  • ,,Van groenteboer Henk Prins kregen we nog weleens een zak sinaasappels of peren, en Koos Sierat van de koffietent aan de Haven gaf de spelers vis en eitjes. Daar was voorzitter Henk Uiterdijk eigenlijk fel op tegen, hij wilde het voetbal zuiver houden.”

Met speciale dank  aan Trudy Ooyendijk, Lia Budding, Jan Lovink, Remco Mentink (fotomateriaal) en de andere rasechte Roodenburgers.

Roodenburgers en partners, vastgelegd voor de eeuwigheid. Van links naar rechts: Hans Verver, Yvonne Verver, Nico van Es, Corrie van Es, Hans Budding, Sari Barends, André  Ooijendijk, Trudy Ooijendijk, Bram de Roode.

Roodenburgers en partners, vastgelegd voor de eeuwigheid. Van links naar rechts:
Hans Verver, Yvonne Verver, Nico van Es, Corrie van Es, Hans Budding, Sari Barends, André Ooijendijk, Trudy Ooijendijk, Bram de Roode.

REM artikelbanner
Koetshuis de burcht artikelbanner

Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het privacy beleid Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk te bieden. Als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen. In ons privacy beleid staat exact wat met de gegevens gebeurt.

Sluiten