Vrienden van
Leidenamateurvoetbal

Oude clubhelden: vruchtbare avond met en bij de Van Fruchtens

Brasserie VIS artikelbanner
Vergulde vos artikelbanner

Het nieuwbouwhuis is zo ongeveer gesitueerd op de plek waar tientallen jaren corners werden genomen door LFC, later FC Boshuizen of de tegenstander. Leidenaar Bennie van Fruchten woont er sinds kort met vrouw en twee kinderen. Van Fruchten groeide op bij de voetbalclubs Lugdunum en Roodenburg, maar kreeg naam in het Katwijkse. Karel, zijn pa, bezocht honderden wedstrijden van zijn zoon en voetbalde zelf ook voordat Bennie zich in een tenuetje hees. Met het tweetal wordt gesproken voor de rubriek ‘Oude Clubhelden’. Een heerlijk ontspannen avond met twee goedlachse voetbaldieren.

Terwijl de verslaggever zich een weg baant in een straat waar nog druk wordt gewerkt om de buurt geheel en al af te krijgen, komt net Van Fruchten senior aangelopen. ,,Mooi, we zijn op tijd. We gaan ff lekker babbelen, leuk man.”

P1020460 (Small)

Voorthuijzen artikelbanner
Rabobank artikelbanner
Stadsbrouwhuis Leiden artikel
Geco artikelbanner

 

Het onthaal, eenmaal aangekomen bij zoon Bennie, is hartelijk en ook junior heeft er zichtbaar zin in. Bens vrouw Ellis duikt meteen de keuken in om een lekker bakkie te zetten. Zij straalt uit dat ze het ook plezierig vindt dat Bennie en haar schoonvader samen aan de tand gevoeld gaan worden. Boven vatten Jim en Bo de slaap. Slechts een enkele keer komt er een  vanaf de eerste etage wat vraag om hulp, maar het zijn vooral de Van Fruchtens die aan het woord zijn in de smaakvol ingerichte woonkamer. Alvorens de eerste vragen worden afgevuurd, komt naast de koffie ook een zak met grote, verse gevulde koeken op tafel. ,,Heb ik net gehaald, lekker toch”, zegt senior.

,,Ik was een echte Lugdunummer, zo trapt Karel af. Het begon bij het zigeunerkamp aan de Haarlemmertrekvaart. Daarna kwam de Oegstgeesterweg en ik kan me de brand daar nog herinneren. Lugdunum was voor mij een prachtige tijd.”

Meteen gooit Karel er tal van namen uit van spelers en trainers uit die tijd. ,,Oppelaar, Brandt, De Cler, Van der Reijden, Collé en ga zo maar door. Ik heb kortstondig in het eerste gestaan, maar op een zeker moment kwam Ruud de Groot over en hij nam Wil de Vos mee en ook Willem Erades keerde terug van een avontuurtje bij Telstar. Dat maakte dat ik mijn plek tussen de palen kwijt raakte, maar eigenlijk zat ik daar niet zo mee. Er werd toen ook geëist dat er ’s middags moest worden getraind, maar ik zat met mijn werk. De andere doelmannen hadden een beroep waardoor ze wel in de middag konden trainen.”

IMG_0863 (Small)

Voor Karel begon het voetballen pas laat. ,,Ik was een jaar of zestien toen ik pas begon bij Lugdunum. Daarvoor voetbalde ik op straat. We woonden toen op het Utrechtse Jaagpad en mijn maten hadden hun keuze voor een Leidse club al gemaakt. Ze haalden me over om bij de kikkers te spelen. Na het eerste en derde elftal, die toen nog op aardig niveau acteerden, ben ik nog wat jaren lager gaan keepen. Op een zeker moment nokte ik als sluitpost en ben ik ook nog even gaan voetballen. Joh, het mag geen naam hebben.”

P1020461 (Small)

Voor Bennie begon het, zoals zo vaak als pa bij een club is betrokken, ook bij Lugdunum. ,,Ik was een jaar of vier ȧ vijf en startte in de F3/F4. Niet veel later werd dat de F1. Op dat moment had de club nog veel jeugd. Toen ik in de E’tjes kwam zat Tim de Cler bijvoorbeeld in de D-jeugd en hij werd toen al weggehaald door Ajax. In die tijd zaten mijn vader en ik een groot gedeelte van het weekend op de club. Toen was er nog heerlijke rivaliteit tussen vooral Lugdunum, UVS en Roodenburg. Mijn moeder hoorde niet anders dan gesprekken over voetbal en mijn tien jaar jongere zus kreeg daar later ook mee te maken. Zij had en heeft helemaal niets met voetbal. Ze heeft nog gekorfbald bij KZ, maar toen er zweet op haar voorhoofd verscheen, is ze er mee genokt, haha.”

Van Fruchten senior woont ondertussen al de nodige jaren in Zuid-West, nu dus in de buurt van zijn zoon en gezin. Daarvoor woonde Bennie in het Morskwartier. Pa: ,,We zien elkaar wekelijks. We streven ernaar om potjes samen te kijken. Live of op tv. Dat lukt niet altijd meer. Ben speelt tegenwoordig in het zesde van Quick Boys. Daar kijk ik af en toe nog. Blijft leuk om hem te zien spelen.”

P1020463 (Small)

Maar Bennie was toch noodgedwongen gestopt vanwege aanhoudend blessureleed (vier operaties, aan kruisbanden en meniscus, red.)? ,,Dat klopt, maar ik ben net als mijn vader gaan keepen. Hij is dus van doelman veldspeler geworden en bij mij is het net andersom. Grappig toch? Ik moest op mijn dertigste stoppen vanwege mijn knieklachten, maar ik miste het voetbal direct vanaf dat moment. Uiteindelijk hebben ze me overgehaald om bij het zesde te komen en daar moet ik ze nu tegenhouden. Ik speel nu met jongens als Derk van der Plas, Hans van der Plas sr, Maarten Bak (zijn zwager, red.), Glen van Dam en Peter Timmermans. Dus de oude garde zeg maar. Als ik niet te gek doe, is het te doen. Ik heb enkel nog wel eens de neiging om mee te voetballen en als ik dan op het middenveld ben met die bal word ik gesommeerd om terug te gaan naar mijn hok. Tja, de aard van het beestje he. Vorig seizoen zijn we nog kampioen geworden en nu staan we weer bovenaan. Kennelijk verleren we het niet. Je snapt, ik weet wel in welk team ik ben gaan keepen. Zo ken ik weinig risico’s. We spelen in de competitie bij ploegen als DoCoS 2, UVS 2, Roodenburg 3, Noordwijk 4 en FC Rijnvogels 4.  We zouden in het weekend van 20 en 21 februari moeten spelen bij DSVP ’s middags, maar die pot hebben we laten verzetten. Immers, die zaterdag heb je Noordwijk tegen Quick Boys en dat zou wel eens de beslissing kunnen brengen in de hoofdklasse. Moeten we bij zijn natuurlijk. Het echte Quick Boys-gevoel blijft natuurlijk wanneer je zoveel jaren in het eerste hebt mogen spelen.”

Op de vraag hoe serieus het er nog aan toegaat bij de ‘oudjes’ is Bennie stellig. ,,Het is lachen, gieren en brullen voor en na de wedstrijd. Heerlijk. Maar wanneer eenmaal de veters gestrikt zijn, komen we bloedserieus het veld in.”

Senior bezocht de voorbije jaren graag nog de nodige wedstrijden, maar zijn passie wordt minder. ,,Ik vind het pijnlijk om te zeggen, maar het niveau is minder geworden. Ik sta wel eens bij een wedstrijd te kijken en dan werkt het welhaast op mijn lachspieren. Ze doen maar wat. Als ik een wedstrijd bekijk, wil ik vermaakt worden. De honger is een beetje verdwenen. Vergis je niet, bij een aantal clubs laat ik nog steeds graag mijn gezicht zien. In de loop der jaren leer je veel mensen kennen en het is leuk om hier en daar eens een praatje te maken. Zo kom ik wel eens bij GHC of ga ik toernooitjes bekijken. Maar in plaats van naar voetbal kijken prefereer ik eigenlijk om op zaterdagmiddag naar de radio te luisteren. RTV Katwijk. Daar kan ik echt van genieten. Op zondag? Dat is een echte rustdag. Kennelijk hebben zowel Ben als ik dat uit het Katwijkse overgenomen.”

Wat betreft de affiniteit van Ben met het Leidse regiovoetbal. ,,Ik speel dus zelf op zaterdag en als het even kan, bezoek ik graag het eerste elftal van Quick Boys. Dat doe ik incidenteel ook nog bij FC Rijnvogels, maar omdat mijn maatje Eef Schoneveld daar weg is, is het minder geworden. Als ik op de Kooltuin ben, is het altijd wel weer gezellig. Zoals dat voor mij ook altijd is gebleven bij Quick Boys. Enkel de belevingswereld is anders wanneer je in de hoofdmacht staat ten opzichte van ver weg van de hectiek van rond het eerste. Gelukkig ben ik ooit snel geaccepteerd als Leidenaar in het Katwijkse. Dat had ook anders kunnen lopen. Vandaar nu ook dat ik er nog graag kom. Ik weet nog goed dat mijn pa in die tijd mee ging. Hij bleef bier weggeven om er maar bij te kunnen horen. Maar ook hij vond het een prachtige tijd.”

P1020464 (Small)

Hoe kijken vader en zoon aan tegen de fusies die gaan komen in voetballend Leiden. Karel: ,,Onvermijdelijk. De gemeente moet snel spijkers met koppen slaan. Veel clubs hebben schulden en dat kost allemaal geld. Het wordt ook de hoogste tijd dat er een aantal clubs overblijven en dat die het niveau gaan opkrikken. Beter jeugdplan, accommodaties verbeteren en het aantrekkelijk maken om weer bij een Leidse club te gaan spelen. Wanneer clubs gezond zijn, hebben ze geen reden om weg te gaan. Nu lopen ze de stad uit naar clubs uit omliggende gemeenten. Maar eerlijk gezegd geloof ik er niet zo in dat het nog gaat lukken.”

,,Het is toch onbegrijpelijk dat het een stad als Leiden maar niet lukt. Er wonen ruim 120.000 mensen en hebben we het denk ik over de top twintig van grootste steden in Nederland (de sleutelstad blijkt op 22 te staan in de lijst van grootste gemeenten, red.). Op dit momentje is het een lachertje. Daarom moeten de ego’s van deze wereld de vuisten ballen en samen gaan werken. En het zou mooi zijn als er wat rijkere mensen geld in gaan pompen. Die zitten er echt wel tussen in deze regio. Anders wordt het nooit meer wat”, geeft de aanvaller van de blauwwitten van destijds aan.

Aan Karel de vraag wat in zijn ogen Bens mooiste wedstrijd was waar hij bij was. ,,Pfff, ik heb zoveel mooie dingen mogen meemaken. Maar doe toch maar Nunspeet-Quick Boys. Zijn laatste pot, toen nog onder John Blok. Ben moest het veld ruimen, maar in die wedstrijd maakte hij nog een geweldige goal van grote afstand. Dat heet een lange neus trekken.”

Junior gniffelt, maar heeft die wedstrijd anders ervaren. ,,Soms gaan dingen nu eenmaal zo. De ene trainer ziet het meer in jou zitten dan de ander. Ik vond het in een aantal jaren wel jammer dat er telkens spelers werden gehaald van naam. Dan mochten zij in de spits starten en als het dan niet liep, hetgeen nogal eens het geval was, mocht ik komen opdraven. Af en toe had ik graag wat meer vertrouwen gekregen. Aan de andere kant heb ik daardoor ook de keuze gemaakt om naar FC Rijnvogels te gaan, toen ook al een ambitieuze club. Dat was toen onder Arie Lagendijk en daar hoef je je ook niet voor te schamen om daarvoor gespeeld te hebben. Ik wilde me door ontwikkelen en zowel bij Quick Boys als FC Rijnvogels heb ik die kans gekregen en daar ben ik trots op. Vergeet ook niet dat ik na Lugdunum en een periode Roodenburg vanaf mijn vijftiende bij Quick Boys heb gespeeld. Daar draaiden ze thuis de hand niet voor om en daar heb ik een enorme waardering voor gehad en nog spreek ik daar zo over. Wegbrengen, halen, aanpassingen met eettijden en ga zo maar door. Zonder het thuisfront was het nooit zover gekomen.”

P1020465 (Small)

Bennie keerde dus Quick Boys de rug toe (tweemaal). Simpel; de spits wilde spelen. Zijn pa daarover: ,,Ik bemoeide me nooit met zijn keuzes. Voor raad en daad kon hij bij mij terecht. Je moet in je leven je hart volgen, dat hield ik hem in elk geval voor. Bij wedstrijden van hem stond ik ook niet te schreeuwen. Na afloop van de wedstrijden evalueerden we. Ik was ook eerlijk. Was het niks, dan hoorde hij dat. Was hij lekker bezig geweest dan kreeg hij een compliment. Daar konden we altijd prima over praten.”

,,Klopt als een bus”, zegt Ben. ,,Niet dat ik het altijd met hem eens was, maar dat geeft niet. Soms werd ik met bepaalde taken het veld in gestuurd en als ik die goed invulde, was de trainer tevreden en ik vaak ook. Mijn pa wist dat niet altijd en die had het dan geheel anders gezien. Dat kwam dus niet altijd overeen. Hij vond dan bijvoorbeeld dat ik de bal veel meer had moeten opeisen, terwijl de trainer had aangegeven dat ik juist niet in de bal moest komen. Maar doorgaans zaten we wel op dezelfde golflengte. Hij was in elk geval objectief en deed niet aan lulverhalen.”

 

Of er interesse is in andere sporten? Ben: ,,Ik heb zelf wat getennist en ik vind het ook een leuke kijksport. Zijn pa: ,,Dameshockey, daar zit ik zwaar in. Nee joh geintje. Ik heb met veel sporten wel wat. Straks gaan die kleintjes sporten, om ook naar uit te kijken.”

Jim is vier en heeft zijn eerste meters ondertussen gemaakt bij DoCoS. ,,Lekker dichtbij en een club met toekomst. Heerlijk om ons mannetje te zien ballen. Of ik het mooi vind wanneer hij een blauw met wit shirt aantrekt ooit in het Katwijkse? Nee joh, het niveau kan hoger”, schatert de nu al trotse vader. De glimlach van opa is ook veelzeggend.

Er wordt nog geruime tijd over het voetbal in de regio, de eredivisie, de nieuwe buurt, het gezin en noem maar op gesproken. Met een biertje erbij is het altijd goed. Of je nu in Leiden of Katwijk aan het babbelen bent. Terwijl de tweede helft van de bekerwedstrijd PSV-FC Utrecht loopt, keren pa Van Fruchten en de verslaggever tevreden huiswaarts. Het jonge gezin Van Fruchten gaat verder met genieten. Van hun nieuwe stulp en van elkaar. Er is immers meer dan voetbal.

IMG_6280 (Small)

 

 

Brasserie meelfabriek
OWN artikelbanner

Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het privacy beleid Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk te bieden. Als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen. In ons privacy beleid staat exact wat met de gegevens gebeurt.

Sluiten