Vrienden van
Leidenamateurvoetbal

Column: het kwartetspel van UVS

Twee weekenden terug was ik niet de Kikkerpolder. En toch was ik zaterdag getuige van de strafschop van Thom de Vries tegen DSO en kon ik even genieten van de prachtige Ukken-training op het hoofdveld. Twitter (@LVVUVS) is de naam! Waar wij vroeger moesten wachten tot maandagavond als de krant ons informeerde over UVS, al of niet gelardeerd met een spectaculaire foto van Jan Holvast, nu kunnen via sociale media zowat alles op de voet volgen. Chriet Titulaer zei het al: de wondere wereld van techniek.

In die krant van vroeger bleven wij ook jarenlang op de hoogte van de voetbalavonturen van Appie Happie. Kent u hem nog? De uit de kluiten gewassen blonde voetbalheld van de onvolprezen cartoonist Dik Bruynesteyn. Lange Jan met de Pet, Tik Tak Theo, Sjakie Strijkijzer, Henri Buitenzorg en Pietje Peelee waren de strijdmakkers van Appie, die met de Taaie Tijgers jarenlang op papier de Nederlandse voetbalvelden onveilig maakten. De aardige en bescheiden Dik Bruynestein (,,ik ben een poppetjestekenaar en ik heb in mijn leven maar een diploma gehaald, mijn zwemdiploma”) was als cartoonist van vele markten thuis in de sportwereld, maar zijn ontelbare voetbalkarikaturen zijn toch het meest beroemd geworden. Halverwege de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw spaarden heel veel jongetjes en waarschijnlijk ook meisjes voetbalplaatjes, die in een pakje Monty kauwgom zaten. Er werden op die manier ook kwartetspelen uitgebracht. Hele Eredivisie jaargangen passeerden de revue.

In 1959 werd er een streekgebonden spel verpakt in de kauwgompakjes en daarbij was UVS ook van de partij samen met 18 andere illustere voetbalclubs waaronder NEC, Haarlem, Vitesse en de Graafschap. Voor UVS figureerden Jan de Wolf, Coen Rijshouwer, Koos van Putten, en, als enige nog levende, de nu 84-jarige Jan Kluivers. Zij vormden een illuster UVS kwartet. Voor de liefhebbers is er op internet (b.v. Marktplaats) nog steeds een levendige handel in die plaatjes. En de echte fanatiekelingen hebben zelfs een eigen site: www.montyplaatjes.nl. Tot mijn verbazing merkte ik dat de herkomst van Monty kauwgom in Leiden gezocht moest worden. Geen idee waar de voetbalplaatjes in Leiden het levenslicht zagen. Via UVS ‘historicus’ Fred Beerenfenger kwam ik in contact met Leiderdorper Cees Mentink, die jarenlang betrokken is geweest bij de productie van de plaatjes. Een afspraak is snel gemaakt. Cees is geen onbekende in de voetbalwereld. De 78-jarige oud-journalist en jazzliefhebber is op dit moment nog schrijvend actief voor de site ‘Leiden Amateurvoetbal’ en wilde met veel plezier het succesverhaal van de voetbalplaatjes nog eens vertellen.

Stadsbrouwhuis Leiden artikel
Geco artikelbanner
Rabobank artikelbanner
Sepa green artikelbanner

Mentink: ,,Mijn oudste broer Huub komt alle eer toe. Hij begon in de oorlog op de administratie van de Koninklijke Sanders Zeepfabriek aan het Levendaal (op de plek van het huidige Hoogvliet en de parkeergarage) en klom op tot Directeur. Na de oorlog bezocht hij veel beurzen en kwam in Denemarken in contact met de huidige Stimorol fabriek, de maker van kauwgom. Een product dat door de Amerikaanse soldaten in WO2 naar Europa werd gebracht. Hij startte de fabricage daarvan in Nederland en noemde het Monty kauwgom naar de beroemde Engelse veldmaarschalk Montgomery, die hij erg bewonderde. De baret die hij altijd droeg gebruikten wij op de rode wikkels.”

Kauwgom was voor Sanders een soort bijproduct. Men produceerde alleen cosmetica-en zeepartikelen, zoals het Melkmeisje zeep, Ossengalzeep en nog veel meer. Dat betekende dat de kauwgom in de nacht moest worden gemaakt. Er werd een kleine walsmachine neergezet, die door Leidse studenten ‘s nachts werd bediend. Vervolgens moest er nog worden ingepakt en de voetbalplaatjes toegevoegd. Daar zorgden in de toptijd ruim 200 thuiswerkers voor. Hopelijk hadden ze altijd schone handen. ,,Aanvankelijk begonnen we met zangers en later filmsterren. Van beeldrecht hadden we in Nederland nog nooit gehoord. We deden alles zelf zonder contracten en zo. Dat ging altijd goed”, aldus Mentink.

Voor de oudste UVS-senioren en veteranen; denk aan Jan Corduwener, Jack Bulterman , Bob Scholte, Doris Day en Romy Schneider..) ,,De kauwgom werd hoofdzakelijk door kinderen gekocht om de hoek in een buurtwinkel voor 5 cent per pakje. Halverwege de jaren vijftig van de vorige eeuw kwam Dik Bruynesteyn zelf langs met het idee voor een voetbal-kwartetspel. Voor onze doelgroep, de kinderen, was dat een schot in de roos. Bruynesteyn (1927-2012) woonde in Badhoevedorp en kwam geregeld naar Leiden met zijn spullen en kreeg dan op de begane grond aan het Levendaal een kamer en tekende daar een compleet spel met 72 kaarten. Hij deed dat in een rap tempo. Na een paar uurtjes stapte hij het kantoor van mijn broer binnen en sprak dan altijd heel plechtig: ’Mijnheer Mentink het is klaar’. Hij kreeg contant betaald en vertrok weer naar huis. Ik was in die tijd ook indienstgetreden en was betrokken bij het bedenken van nieuwe initiatieven. Zo heb ik eens met Karel Jansen, de toenmalige voorzitter van de vakbond van de profvoetballers, de VVCS, (‘onze’ Theo van Seggelen is later in zijn voetsporen getreden) de afspraak gemaakt om de complete ere-divisie met zo’n 350 spelers op de plaatjes te zetten. We betaalden een relatief gering bedrag aan de VVCS en de voetballers kregen allemaal een cosmetica pakket. Uiteraard uit onze eigen fabriek van Sanders.”

Lachend: ,,Ik kan mij niet voorstellen dat ze het daar tegenwoordig nog voor zouden doen.” Tenslotte wil Cees Mentink Dik Bruynesteyn nog even in het zonnetje zetten. ,,In 1997 stopte mijn broer als Directeur bij Sanders. Ik vond het een aardig ideetje om Bruynesteyn te vragen of hij een cartoon van mijn broer wilde maken, die wij dan konden aanbieden op de afscheidsreceptie in Allemansgeest. Nee, ik kom zelf wel even langs, antwoordde hij. Kwam hij aanzetten met een grote flip-over. Hij hield hij een fantastische afscheidsspeech aan de hand van zowat alle grote wereldleiders die hij had getekend. Wat een prachtige kerel was dat.”

Als ik Jan Kluivers, een onverzettelijke rechtsback in de jaren vijftig,  telefonisch benader over het UVS-kwartetspel moet hij lang nadenken. ,,Ja, nou je het zegt, ik herinner mij het nog een beetje. Maar ik heb nooit geposeerd voor die tekening. Hij zal het wel van een foto hebben gedaan. En dat kwartetspel heb ik ook niet, maar ik zou het best nog eens willen zien.” En wie weet is er bij die 200 Leidse thuiswerkers, nog wel eens een kwartetspelletje per ongeluk achtergebleven. En misschien wel het kwartetspel waar UVS in figureerde. Fred Beerenfenger springt een gat in de lucht als u het hem zou willen geven.

Een ereplaats in het UVS-museum wordt vast en zeker gegarandeerd! Heel benieuwd…

Simon van Meijgaarden

Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het privacy beleid Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk te bieden. Als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen. In ons privacy beleid staat exact wat met de gegevens gebeurt.

Sluiten